U betaalt € 2,466 per liter benzine in Nederland. Daarvan is € 1,276 (51,7%) belasting en € 1,190 het product zelf — ruwe olie, raffinage, transport en de marge van de pomphouder samen. De belasting bestaat uit € 0,840 accijns, € 0,008 aan overige heffingen en € 0,428 btw tegen 21%.
Brandstof is een van de zwaarst belaste producten van Europa, en de verhouding tussen productkosten en staatsaandeel verklaart het grootste deel van het prijsverschil met de buurlanden. Hier staat precies hoe het bedrag dat u per liter betaalt in Nederland wordt verdeeld, op basis van de weekcijfers van de Europese Commissie van 7 september 2026.
| Onderdeel | Per liter | Aandeel |
|---|---|---|
| Productkosten | € 1,190 | 48,3% |
| Accijns | € 0,840 | 34,1% |
| Overige heffingen | € 0,008 | 0,3% |
| Btw (21%) | € 0,428 | 17,4% |
| Totaal belasting | € 1,276 | 51,7% |
| Pompprijs | € 2,466 | 100% |
De brandstof zelf: ruwe olie, raffinage, opslag, transport naar het tankstation en de marge van de pomphouder. De Europese Commissie rapporteert dit als één bedrag. Dit is het deel dat meebeweegt met de oliemarkt — en het is EU-breed vergelijkbaar, omdat iedereen op dezelfde wereldmarkt inkoopt.
Een vast bedrag per liter dat de nationale overheid vaststelt, ongeacht de olieprijs. Accijns is de belangrijkste reden waarom een liter in het ene land meer kost dan in het buurland: hij daalt niet mee als ruwe olie daalt.
Landspecifieke heffingen bovenop de accijns — CO₂-beprijzing, bijmengverplichting, voorraadheffing, regionale toeslagen. In de meeste landen zijn deze heffingen klein, maar dit is het deel dat het vaakst verandert naarmate het klimaatbeleid strenger wordt.
Btw van 21%, berekend over alles hierboven — inclusief de accijns. Btw is dus een belasting op een belasting, en daarom stijgt de totale belastingopbrengst automatisch mee als ruwe olie duurder wordt.
Een tank van 50 liter kost in Nederland nu ongeveer € 123,30. € 63,80 daarvan gaat naar de staat en € 59,50 gaat naar de brandstof zelf. Anders gezegd: ruwweg 51,7% van elke tankbeurt is belasting.
Met 51,7% ligt het belastingaandeel in Nederland 5,5 procentpunt boven het EU-gemiddelde van 46,2%. Van de 27 lidstaten staat Nederland op plaats 3 qua belastingdruk op benzine.
De zwaarst belaste benzine in de EU vindt u op dit moment in Malta (56,3%); de lichtste druk in Zweden (28,9%).
We hebben nog geen volledig jaar vergelijkbare gegevens voor Nederland.
51,7% — € 1,276 van elke liter van € 2,466. Dat is € 0,840 accijns, € 0,008 aan overige heffingen en € 0,428 btw.
Bijna altijd door de accijns, niet door de brandstof. Alle EU-landen kopen op dezelfde wereldmarkt, dus de productkosten zijn overal vergelijkbaar (hier € 1,190 per liter). Wat verschilt is de vaste heffing die elke overheid erbovenop legt — en het btw-tarief daarover.
Ja. De btw van 21% wordt berekend over de volledige prijs inclusief accijns, dus ook over de belasting zelf. Daarom stijgt de totale belastingopbrengst automatisch wanneer ruwe olie duurder wordt.
Wekelijks. De cijfers komen uit het Oil Bulletin van de Europese Commissie, dat de lidstaten elke maandag aanleveren en de Commissie midden in de week publiceert. De waarden op deze pagina zijn van 7 september 2026.
Ruwe olie, raffinagemarge, opslag, transport naar het tankstation en de marge van de pomphouder — door de Commissie gerapporteerd als één bedrag van € 1,190 per liter. Verder wordt het bij de bron niet uitgesplitst.
Bron: European Commission — Weekly Oil Bulletin. Gegevens van 7 september 2026 · Wekelijks Oil Bulletin van de Europese Commissie.